Heemkunde Renkum


Meer over de Hemelseberg


Hemelseberg


De naam “den Hemelseberg” komt voor het eerst naar voren bij een boedelscheiding in 1728 wanneer deze “heggeholt” (perceel hakhout) aan een der erfgenamen wordt toebedeeld . De Hemelseberg maakte tot die tijd deel uit van het goed Ter Aa dat vrijwel het gehele westelijke deel van Oosterbeek tot Doorwerth omvatte . Na 1741 werd het verworven gebied uitgebreid en omgevormd tot buitenplaats . Behalve een herenhui s, Engelse tuinen, bossen en vijvers was het landgoed een koren- en een papiermolen rijk. Vooral na 1836 waren uitbreiding en bebouwing omvangrijk. De nieuwe eigenaar, mr . C. P .E. Robid “e van der Aa (rechter te Arnhem, tevens schoolopziener) zette de landschapsarchitecten Zocher en Sprenger aan het werk om het landgoed te verfraaien . Diverse villa’s werden gebouwd: o .a . de Pietersberg, Lucienheuvel (in 1863 afgebroken t.b .v. de nieuwe vijver onderaan de Kneppelhoutweg), ‘t H emeldal (later Instituut voor jonge heren, inmiddels ook gesloopt) en de Witte Poort (later Rijnzicht), daarna nog Transvalia (t.o. de huidige Poort) dat in 1944/45 werd verwoest . In 1848 werd Jan Kneppelhout (z.a.) voor f 125.000- eigenaar van de Hemelse Berg. Hij liet landschapsarchitect Copijn nog meer verfraaiingen aanbrengen . Het heren huis werd gesloopt en een kasteelachtig gebouw kwam er voor in de plaats . Na het overlijden van mevrouw U .M. Kneppelhout-van Braam (1919) kwam het landgoed in het bezit van de gemeente, zij gaf het huis met omgeving voor 75 jaar in erfpacht aan de familie J . Beelaerts van Blokland (z.a .) . September 1944 is het gebouw door de Duitsers in brand geschoten en dermate vernield dat het na de bevrijding moest worden gesloopt. Een deel van het terrein werd in 1952 verkocht aan de stichting Zendings diaconessenhuis te Amsterdam, ten behoeve van de bouw van een verpleeg- en kraaminrichting . Het verpleeghuis kon eerst in 1961 in gebruik worden genomen.

(C) Frans Beurskens Works - Oosterbeek met Stichting NOK en Heemkunde Renkum